Sasha Weemaes, topsprinter in wording: “Ik start elke koers met de ambitie om te winnen”

Sasha Weemaes (23) was in 2019 zesde in de Bredene-Koksijde Classic en vorig jaar won hij de Heistse Pijl, niet onlogisch dus dat heel wat wielermanagers (waaronder ikzelf) de beloftevolle sprinter van Sport Vlaanderen - Baloise in hun team hebben. De sympathieke Oost-Vlaming is ambitieus: “Volgend jaar wil ik graag naar een WorldTour-team.”


Sasha Weemaes klopt Gerben Thijssen in de sprint van de Heistse Pijl

(Foto: Photo News)


Hoe verliep de voorbereiding?

“Goed. Ik heb een goede stage gehad met de ploeg. De conditie was veel beter dan vorig jaar want toen had ik toch wel wat moeite bergop. Daar heb ik nu meer op getraind. Ik heb veel meer in Spanje gezeten dan de voorbije jaren en dat werpt zijn vruchten af. Ik merkte dat ik nu bergop goed meekon met mijn ploegmaats. Ik hoop dat ik die lijn kan doortrekken naar de koersen.”


Heb jij vaste trainingspartners of train je vooral alleen?

“Ik train vaak met jongens uit de buurt, zoals Gilles De Wilde die ook bij Sport Vlaanderen - Baloise rijdt. En ik ben ook al een paar keer mee geweest met trainingsgroep SV Gruut Gent, met onder andere Iljo Keisse, Bert De Backer en Edward Theuns. Dat is wel leuk om daar dan eens mee te babbelen. Ik kan ook veel opsteken van hun ervaring. Maar het beste is nog altijd om alleen te trainen. Daar word je het sterkste van.”


Op training gaat het dan wel goed, maar in de wedstrijden heb je voorlopig tegenslag.

“De Ster van Bessèges viel last minute in het water door coronaperikelen. Daardoor werd Kuurne-Brussel-Kuurne mijn eerste wedstrijd van het seizoen. Daar wou ik heel graag de finale meerijden, maar door rugklachten moest ik afhaken en ben ik uit de wedstrijd gestapt. Dat was jammer. Ik had vorig jaar al last van mijn rug, maar ik dacht dat ik er nu vanaf was door oefeningen te doen. Ik ben terug naar mijn kinesist gegaan en blijkbaar deed ik nog niet genoeg oefeningen. In Parijs-Troyes afgelopen zondag zat het resultaat ook niet mee voor de ploeg. Het was een zeer lastige koers met waaiers, maar ook heel wat klimwerk. Ik moest afhaken op de laatste helling toen de klimmers doortrokken. Maar de conditie is wel goed.”


Baart de rug je zorgen voor de komende wedstrijden?

“Ja, sowieso. Normaal zou het in vlakke koersen van een wat lager niveau wel moeten lukken. In Kuurne met al die kasseien, betonbanen en het hoge niveau… Dan zit je continu à bloc te rijden, dat vergt veel meer van je rug dan een 1.2-koers bijvoorbeeld, waar je af en toe toch even je rug kan strekken.”


Wat zijn de ambities in de Bredene-Koksijde Classic, waar je twee jaar geleden al zesde werd?

“Ik start elke koers met de ambitie om te winnen. Anders zou ik niet koersen. Maar ik ga nu gewoon zien of de rug in orde is en of het gevoel goed is in de koers. En als dat allemaal wat meezit, kan ik zeker een goeie prijs rijden. Je moet natuurlijk ook realistisch zijn. Dat is een wedstrijd van hoog niveau. Op pure snelheid kan ik mannen als Cavendish en Coquard zeker aan, maar na een koers van 200 kilometer is dat vaak toch wat anders. Die mannen rijden met hun ploeg ook veel meer als blok. Dat is soms moeilijk om als kleinere ploeg tegenop te boksen. Toen ik daar zesde was, moest ik helemaal alleen tussen die mannen rijden en dat was niet simpel. Dan heb je al drie sprints gereden om je te positioneren voor de echte sprint begint. Wij hebben geen trein zoals Quick-Step. Die sprinter moet zelf niets uitsteken, enkel de laatste 200 meter sprinten en de handen in de lucht steken. Dat is echt chique om te zien.”


"Ik denk dat het iedere jongensdroom is om ooit voor Quick-Step te rijden."

Is dat je droomploeg?

“Ja, tuurlijk is dat mijn droomploeg. Ik denk dat het iedere jongensdroom is om ooit voor Quick-Step te rijden. Maar momenteel zitten ze daar natuurlijk al met veel sprinters.”


Ik veronderstel dat je bij Sport Vlaanderen – Baloise wel de uitgesproken kopman bent in de sprints?

“Bij ons in de ploeg werken we niet met kopmannen. Dat is altijd al zo geweest. Sport-Vlaanderen is echt een opleidingsploeg waar iedereen een vrije rol heeft. Als het ernaar uitziet dat de wedstrijd op een sprint zal eindigen, vraag ik wel eens of ze me naar een goede positie willen brengen of eens willen aantrekken voor mij. En ook de ploegleiding zegt dan soms wel eens: “We trekken vanaf nu de kaart Sasha.” Maar in het algemeen is het vooral de bedoeling dat iedereen zijn kansen krijgt, zodat ze zich in de kijker kunnen rijden van de grotere teams.”


Hoe ziet jouw carrièreplan eruit?

“Volgend jaar wil ik graag naar een WorldTour-team gaan om daar een sterkere coureur te worden en meer ervaring op te doen. Dan kan ik eens een grote ronde zoals de Vuelta rijden. En dan op langere termijn wil ik naar de Tour de France.”





Zijn er al contacten met WorldTour-teams geweest?

“Er werd wel al eens naar mijn naam gevraagd, maar echte concrete contacten zijn er nog niet geweest. Maar ik ben niet zo kieskeurig, elke WorldTour-ploeg is goed. Al wil ik wel kopman zijn in de sprints, dus naar een ploeg waar ik de zoveelste sprinter in het rijtje ben, wil ik niet gaan. En naar Ineos ga ik uiteraard ook niet gaan, want die nemen geen sprinters mee naar de grote rondes.”


Wat is je ultieme droomkoers?

(Denkt na) “Ik denk toch de laatste etappe van de Tour de France, de Champs-Elysées. Na zo’n zware ronde, met alle opgestapelde vermoeidheid daar de sprint winnen, dat zou schitterend zijn. Of misschien de Scheldeprijs, da’s ook wel een schoon koerske. Het ‘WK voor sprinters’ noemen ze dat. Alle topsprinters hebben daar al gewonnen.”


Zijn er nog jongens bij Sport Vlaanderen - Baloise die we de komende jaren in de gaten moeten houden?

“Ja, momenteel veel zelfs. Er zijn heel wat jongens die op kop kunnen rijden of een goede lead-out kunnen doen. Cédric Beullens, Alex Colman of Gilles De Wilde, dat zijn allemaal mannen die een sprinter naar voren kunnen brengen. Het zijn jongens voor het hardere werk, in wedstrijden als de Omloop Het Nieuwsblad komen ze naar voren. Als zij zich laten zien in de sprintvoorbereiding en ik kan hun werk eens afmaken, dan zijn die jongens ook vertrokken.”


"Twee jaar geleden trainde ik in Spanje samen met Van Aert. Toen hij eens aanzette voor een sprintje, dacht ik bij mezelf: Dat valt nog goed mee."

Hoe kijk jij naar de exploten van de grote drie (Van der Poel, Van Aert en Alaphilippe) in de Tirreno en de Strade?

Da’s niet normaal eh! Als je daarmee moet koersen, dat is gewoon zot. Je weet tegenwoordig al op voorhand dat er één van die drie gaat winnen. Stiekem hoop ik ze een keer te kunnen kloppen op een vlakke aankomst na een koers die niet te zwaar is. Dat zou een stunt zijn. Want ik vind het zot dat Van Aert massasprints wint. Hij is geen rassprinter zoals Bennett bijvoorbeeld. Twee jaar geleden ging Van Aert mee met mijn training in Spanje. Toen hij eens aanzette voor een sprintje, dacht ik bij mezelf: Dat valt nog goed mee. Maar na 200 kilometer koersen, is dat waarschijnlijk de enige die nog zo fris zit. Daar heb ik echt respect voor.”


Heb jij ze alle drie in je Sporza Wielermanagerteam?

“Nee, sorry. Ik speel dat spel niet. Ik ken daar eigenlijk niet zoveel van.”


Ik zal je eens een statistiek voorleggen: er zijn zo’n 35 duizend deelnemers aan het spel, en 683 daarvan hebben jou in hun team gekozen. Mezelf incluis.

“Serieus? Amai.”


Je laat grote namen als Valverde, Van Baarle en Nibali achter je.

“Dat is wel straf ja. Het geeft vertrouwen!”


Of extra druk?

(Lacht) “Nee hoor, ik geef mezelf al genoeg druk. Ik kan daar wel mee om. In de Heistse Pijl vorig jaar kwam de auto naast ons rijden en zeiden ze plots: “Vanaf nu rijdt heel de ploeg voor Sasha.” Als ik het toen niet had afgemaakt, had ik mezelf dat nooit vergeven. Het is eigenlijk door die druk dat ik die koers heb gewonnen. Natuurlijk gaat het ook wel eens fout. Je gaat meer koersen verliezen in je leven dan winnen, je moet daarmee leren omgaan. Blijven vechten en dan komt dat allemaal in orde.”


Oké super! Dan heb ik er vertrouwen in dat je me nog punten zal opleveren. Minstens een evenaring van je zesde plaats in Bredene?

“Ik hoop op het podium! Ik ga mijn best doen.”


Tot slot, ik moet het je vragen: Ben jij de spion in het peloton van Sporza?

Nieje nieje nieje. En ik heb begod geen idee wie het wel is.”


Benieuwd welke renners, naast Sasha, nog in het team van Vriend van de Poëzie zitten? Ontdek het hier!

491 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven