Tom Vandenbulcke: “Ik baal nog steeds dat Jordi Meeus op mijn bus zat tijdens Nokere Koerse”

Tom Vandenbulcke is naast Sporza-journalist en host van De Tribune op Radio 1 ook een fervente wielermanager. Sinds afgelopen woensdag staat hij op de 100ste plaats in het algemeen klassement en pronkt hij met ‘Under Pressure’ helemaal bovenaan in onze minicompetitie. “Op de Sporza-redactie werd een mail uitgestuurd met als titel ‘Wie verslaat Tom Vandenbulcke?’, omdat ik bij de voorjaarsklassiekers al driemaal op een rij de minicompetitie van de redactie won. De druk werd groot, vandaar ook mijn ploegnaam.”



Hoe stelt Tom Vandenbulcke zijn team samen? De ‘Grote Drie’ waren zoals bij elke logisch redenerende wielermanager ook bij Tom de eerste renners op het blad. “Ik heb wel 87 verschillende ploegopstellingen gemaakt en die drie zaten er altijd bij. Zij zijn gewoon een garantie op punten. Julian Alaphilippe heeft nu nog niet superveel opgeleverd, maar ik kan mij niet voorstellen dat hij in de komende koersen geen punten gaat pakken.”


In de aanloop naar het openingsweekend volgt hij de voorbereidingskoersen heel aandachtig. “Je kan daar al heel goed zien wie goed is en wie niet. Op basis daarvan selecteerde ik bijvoorbeeld Jonas Vingegaard al voor de klimklassiekers. Ik denk niet dat veel mensen hem hebben en met zijn kostprijs van drie miljoen neem ik eigenlijk geen risico. Pakt hij punten in de Ardennen, zoveel te beter. Pakt hij niets, dan was het een gokje dat geen kwaad kan. David Dekker was ook zo’n renner die ik straffe dingen zag doen in de Emiraten, maar voor de Wielermanager pakte hij geen punten. Ik was verrast dat Jumbo-Visma niet eens aan de start stond in de Scheldeprijs bijvoorbeeld.”


De volgende tactiek van Tom is om veel snelle mannen te selecteren. “Ik zorg ervoor dat de meeste renners die ik neem een degelijke sprint in de benen hebben. Dat is niet alleen belangrijk voor de sprintkoersen, maar ook voor de koersen waar ze nog met een groepje van een twintigtal overblijven op het einde. Florian Sénéchal is zo’n renner met een goede sprint in de benen en ik ben dan ook heel tevreden met mijn keuze voor hem. Die sprint heeft een Asgreen normaal gezien minder, alhoewel hij er nu wel Van der Poel oplegde in de Ronde. Van Jake Stewart, een renner die mij ook opgevallen was in de voorbereidingskoersen, was ik ook tevreden. Spijtig genoeg raakte hij geblesseerd bij dat incident met Nacer Bouhanni.”


“Nog meer dan van Sénéchal ben ik tevreden over mijn keuze voor Tom Pidcock.” Door de Brit vanaf het begin te nemen heeft Vandenbulcke met ‘Under Pressure’ een serieus verschil gemaakt. “Ik had hem eigenlijk vooral genomen met hoge verwachtingen in de klimklassiekers. Dat hij het al zo goed zou doen in Kuurne, had ik totaal niet verwacht. Het is ook wel één van mijn strategieën om al een aantal Ardennenmannen te nemen die ook de Strade Bianche en/of enkele Vlaamse klassiekers rijden. Om die reden staan ook Romain Bardet en Dylan Teuns in mijn team.”












Niet gewacht met eerste transfer


De eerste die in Vandenbulcke’s team plaats moest ruimen was Mads Pedersen. Na winst in Kuurne-Brussel-Kuurne en een tweede plaats in de Bredene-Koksijde Classic zat zijn job erop. “Pedersen zakte er in de E3-prijs al volledig door op de Taaienberg en toen dacht ik al: oei, dat is niet goed. Toen bleek dat Trek-Segafredo twee dagen later niet mocht starten in Gent-Wevelgem, heb ik de transfer doorgevoerd.” De keuze voor Sam Bennett leek al meteen een gouden zet te zijn. “Tot ik na de derde keer Kemmelberg plots zijn maaginhoud door de lucht zag vliegen. Nu, zijn tweede plaats in de Scheldeprijs maakt veel goed. Ik had ook de winnaar van de Scheldeprijs Jasper Philipsen en maakte een enorme sprong in het klassement.”


“Mijn tweede transfer heb ik voor de Brabantse Pijl gedaan. Ik heb Mathieu van der Poel vervangen door Michael Matthews.” De Australiër kwam in de finale ten val en moest opgeven, een serieuze aderlating voor het team van Tom. “Toen ik die valpartij zag, wist ik onmiddellijk dat hij erbij lag. Op televisie duurde het nog twee minuten voor ze zijn naam vermeldden, maar ik had het direct gezien. Frustrerend. Hij ging misschien niet mee geweest zijn met Pidcock, Van Aert en Trentin, maar hij sprintte dan wel zeker mee voor de vierde plaats.”


Nog twee overgebleven transfers, waarvan Vandenbulcke er voor de Amstel nog één gaat inzetten. “Primoz Roglic komt nog in mijn team en als alles goed gaat komt ook Tadej Pogacar er nog bij. Je kan echt niet om die twee heen. In de positie waarin ik mij nu bevind moet ik op dat vlak geen risico’s meer nemen. Ik moet niets meer goedmaken, ik moet vooral mijn voorsprong proberen te verdedigen.” Daarmee geeft Vandenbulcke toe dat hij met iets meer dan 200 punten achterstand op de eerste plaats in het algemeen klassement niet meer zal meedoen voor de prijzen. “Voor mij is het goed zo, het spel mag nu eigenlijk stoppen”, lacht hij.


Zoals bij vele andere wielermanagers staan ook witte merels Arjen Livyns en Jordi Meeus in Vandenbulcke’s ploeg. “Meeus is ook zo’n man met een sprint in de benen die af en toe eens zelf zijn kans mag gaan, zoals in Nokere Koerse. Ik baal nog steeds dat hij toen op mijn bus zat, het kostte mij 44 punten. Hij ging normaal niet starten, maar werd op het laatste nippertje toch nog aan de startlijst toegevoegd. Ik heb er een licht trauma aan overgehouden. Sindsdien zet ik twijfelgevallen ook in mijn opstelling en niet meer in de bus.”


Sporza Wielermanager op de redactie


In de minicompetitie van de Sporza-redactie, waar zo’n 48 journalisten aan deelnemen, staat Vandenbulcke opnieuw eerste. “Met 84 punten voorsprong op de tweede, collega Tinneke Van de Velde. Een van mijn grote concurrenten op de redactie, Hannes Tahon, staat momenteel tiende met meer dan 200 punten achterstand. Bij hem probeer ik soms wel eens aan belangrijke informatie over renners te komen, hij weet echt alles van die mannen. Nu zijn achterstand zo groot is, zal hij wel willen meewerken als ik nog eens iets vraag.”


Voor zover hij weet zijn er geen bekende commentatoren of journalisten die meedoen in de minicompetitie. Ook geen Michel Wuyts, die woensdag in Extra Time Koers zei dat hij zich niet veel aantrekt van het spel. “Hij maakt zijn ploeg en dan kijkt hij er niet meer naar. Ik vond zijn uitspraken in Extra Time Koers wel wat jammer voor het imago van het spel. Hij weet heel veel over koers, is er dagelijks mee bezig en weet welke renners waar zullen starten. Ik denk dat hij wel vijf minuutjes tijd zou kunnen vrijmaken om zijn ploeg klaar te zetten.”


__________________________________________________________________________________ Mis geen enkele spectaculaire statistiek, verrassend interview of belangrijke voorbeschouwing via onze sociale mediakanalen: Facebook, Twitter en Instagram!

744 keer bekeken0 reacties